- Home
- Beroepen & risico's
- Dakdekker - pannen / pannenlegger
- Onveiligheid en valgevaar
Onveiligheid en valgevaar
De pannenlegger kan van een ladder, steiger of het dak vallen, vooral als de ondergrond door neerslag glad is geworden. Door de harde wind kan hij zijn evenwicht verliezen. Door de wind kunnen er ook materialen van het dak waaien. De pannenlegger kan worden geraakt door vallende materialen, gereedschappen of lasten. Bij renovatiewerkzaamheden kan hij vallen door een rotte of niet goed vastzittende dakgoot, door het bezwijken van panlatten (doorgeroeste spijkers) of door door houtrot aangetaste delen van de dakconstructie. Hij kan gewond raken bij het op maat maken van de panlatten, pannen en elementen, bij het bevestigen van panlatten, door houtsplinters, scherpe kanten en door scherp of draaiend gereedschap.
Maatregelen voor de werkgever
- Regel dat de werkplek veilig is door steigers te plaatsen. Dakrandbeveiliging is verplicht bij een hoogte groter dan 2,5 m. Stem de valbeveiliging af op de hoogte en de vorm van het dak. Combineer waar nodig met vangnetten of gaasnetten.
- Gebruik voor kortdurende reparaties zonodig valbeveiliging en vanglijnen en zet deze vast aan een haak of aan een draad die in de breedterichting over het dak gespannen is.
- Leg vast bij welke windkracht het werk wordt stopgezet en wie daarvoor verantwoordelijk is. Houd rekening met regionale verschillen in windkracht en de hoogte van het gebouw.
- Zorg dat al het gereedschap is voorzien van de vereiste beveiligingen en dat deze ook worden gebruikt. Zorg dat alle gereedschap tenminste één maal per jaar wordt gekeurd.
- Zorg voor een goede veiligheidsinstructie voor de ploeg; zie toe op het naleven van de voorschriften.
- Verstrek de noodzakelijke beschermingsmiddelen afgestemd op de risico's op het project; bij een kans op vallende materialen of gereedschap een veiligheidshelm (NEN-EN 397); veiligheidsschoenen (NEN-EN 345; S3), werkhandschoenen (NEN-EN 388), valbeveiliging en bij steunen op de knieën kniebeschermers of liever kniestukken in de werkbroek of in speciaal daarvoor bedoelde houders.
Maatregelen voor de werknemer
- Controleer dagelijks de veiligheid van de steiger, ladders en ander materieel.
- Zorg voor een goede verdeling van de pannen over het dak om (plaatselijke) overbelasting te voorkomen.
- Zorg voor een opgeruimde werkplek en goed begaanbare loop- en transportroutes.
- Controleer grondig de sterkte van de dakgoot voordat u er op gaat staan of voordat u er een dakladder in plaatst.
- Controleer bij renoveren ook eerst de kwaliteit van de panlatten en de bevestiging daarvan.
- Beëindig het werk indien de wind harder is dan de afgesproken maximale windkracht.
- Gebruik de voorgeschreven veiligheidsvoorzieningen en beschermingsmiddelen.



