- Home
- Beroepen & risico's
- Rioleerder / rioolbuizenlegger
- Lichamelijke belasting
Lichamelijke belasting
Rioleerders/rioolbuizenleggers vinden het werk lichamelijk inspannend (53%). Zo vergt het manoeuvreren met een trilstamper, trilplaat en/of explosiestamper veel kracht. Bij het maken van huisaansluitingen moet met de hand extra graafwerk worden uitgevoerd. 18% van de beroepsgroep is vaak moe, 26% heeft last van de rug. Rioleerders/rioolbuizenleggers hebben relatief weinig last van de werkhoudingen (14%) en het regelmatig bukken (19%).
Maatregelen voor de werkgever
- Houd rekening met de afspraken uit het A-blad Kabel- en Buizenleggen:
- Houd een sleufbreedte aan van minimaal 30 cm. Zorg voor een sleufbreedte van
minimaal 60 cm bij een diepte van 60 cm tot 1 m, minimaal 80 cm bij sleuven
dieper dan 1 m.
- Pas bronbemaling toe bij water in de sleuf of put. Verstrek bijvoorbeeld
beschermende kleding als bronbemaling niet mogelijk is.
- Voer graafwerk mechanisch uit. Is dit niet mogelijk, zorg dan voor goede
scheppen, taakroulatie en een training in werktechniek. - Verstrek detectiesystemen voor het lokaliseren van leidingen.
- Laat graafwerk en het zware werk (plaatsen van onder meer buizen en mosterdpotten) machinaal uitvoeren.
- Zorg dat materieel en hulpmiddelen beschikbaar zijn om het werk lichter te maken.
- Verstrek ergonomische vormgegeven schoppen en spades afgestemd op de grond. Zorg dat de steellengte geschikt is voor de werknemer.
Maatregelen voor de werknemer
- Voer het werk machinaal en/of met hulpmiddelen uit.
- Gebruik de juiste schop of spade afgestemd op uw taak en de grond.
- Gebruik bij montage een reciprozaag, aanboorstandaard en ruimer.



